Aantal Hits : 1880  |
1880 hits
- VLD wil nationale volksraadpleging invoeren
- Het vrijblijvend plebisciet over de terugkeer van Leopold III.
- Actiedag rond het wetsvoorstel over de volksraadpleging over de nieuwe Europese Grondwet.
- Informatie bijeenkomst over Directe Democratie op 18/10/2003 van 10:00 tot 12:00 in Antwerpen.
- Uit de memorie van toelichting
- Er zal iets veranderen in Ieper
VLD wil nationale
volksraadpleging invoeren
De VLD heeft in Kamer
en Senaat een wetsvoorstel ingediend om een volksraadpleging over de
nieuwe Europese Grondwet te organiseren. De partij zegt dat ze het
resultaat zou respecteren, ook al is de uitslag van een Referendum
niet bindend. Voor
een bindend referendum zou de grondwet moeten gewijzigd worden. Een
niet-bindende volksraadpleging kan met een gewone wet ingevoerd
worden, en dat wil de VLD dan ook doen.
Dat kondigden
partijvoorzitter Karel De Gucht donderdag aan op een persconferentie
waar hij de voorstellen toelichtte met fractieleiders Rik Daems
(Kamer) en Francis Vermeiren (Vlaams parlement), en senator Stefaan
Noreilde.
De vraag die de VLD aan
de kiesgerechtigden wil voorleggen is de volgende: ,,Mag het
Koninkrijk België toetreden tot het verdrag tot vaststelling van
een Grondwet voor Europa?'' Indien de Intergouvernementele
Conferentie (IGC) tijdig klaar is met haar werk, kan de
volksraadpleging best gehouden worden op 13 juni 2004, aldus De
Gucht.
Hun
Waalse collega's van de MR steunen het voorstel, net zoals
coalitiepartners SP.A en Spirit. Probleem: binnen de regering staat
de PS weigerachtig tegenover een nationale volksraadpleging.
De
VLD wil bovendien vooraf met de meerderheidspartijen afspreken dat de
beslissing van het volk ook die van het parlement en de regering zal
zijn. "Maar een afspraak binnen de coalitie zal nooit dezelfde
garantie
bieden
als een grondwettelijk bindend referendum", beseft
volksvertegenwoordiger Pierre Chevalier (VLD).
Voor
Dirk Van der Maelen, kamerfractieleider van de SP.A, is een
referendum een unieke mogelijkheid om de bevolking te informeren en
mee te laten beslissen. "De Europese besluitvorming is tot op
heden niet veel meer geweest dan salongesprekken tussen hoge
diplomaten en toppolitici. De Conventie en een referendum kunnen
eindelijk tegemoet komen aan het democratisch deficit van de EU."
De
VLD zou dus het liefst hebben dat de bevolking zich kan uitspreken
tijdens stembusgang voor het Europees Parlement op 13 juni 2004."De
grondwet is zonder twijfel hét Europese item van het moment.
Dat moet dus samenvallen met de verkiezingen." Maar de PS wil
juist vermijden dat het referendum samenvalt met de andere campagne.
"In dat geval kan er onmogelijk een sereen debat plaatsvinden
over de grondwet", zegt PS-woordvoerster Florence Copenolle. "De
verschillende partijen zullen hun 'ja' of hun 'nee' dan immers linken
aan allerlei thema's die er niet toe doen."
Voor
de PS is het een principekwestie: de partij wil vermijden dat
communautaire tegenstellingen op de spits gedreven worden, waarbij de
Franstalige minderheid het onderspit delft. "We hebben geen
problemen
met
volksraadplegingen op gemeentelijk, provinciaal of gewestelijk
niveau, maar op nationaal vlak ligt dat anders. Het enige voorbeeld
van zo een referendum in België is de Koningskwestie, en dat
draaide uit op een politiek trauma."
Marianne
Thijssen van de CD&V zegt intussen op tv dat ze er voor zal
zorgen dat het een goed referendum wordt.
De informatiecampagne moet volgens Spirit-voorziter Els Van Weert snel van start gaan, zodat de bevolking betrokken wordt op het moment dat de discussie gevoerd wordt binnen de Intergouvernementele Conferentie, die op 4 oktober van start gaat. Bij voorkeur gelijktijdig met de Europese verkiezingen moeten de burgers zich vervolgens in een volksraadpleging kunnen uitspreken over een aantal concrete vragen, opgesteld door een onafhankelijke commissie. De antwoorden op deze vragen moeten ook een leidraad kunnen zijn voor de houding van België in het verdere Europese integratieproces.
Van Weert wijst erop dat, aangezien de Europese Grondwet een gemengd verdrag is, de gemeenschappen en de gewesten betrokken moeten worden bij de organisatie van een volksraadpleging. Ook de betekenis en de rol van de constitutionele regio's in een eengemaakt Europa dienen in de informatiecampagne en de volksraadpleging aan bod te komen.
Uit
De Morgen, De Standaard, Het nieuwsblad, Metro, tvjournaal en radio.
Op www.politics.be
wordt er een poll gehouden over "Moet er een referendum komen
over de Europese Grondwet?"
stem op:
http://www.politics.be/modules.php?op=modload&name=NS-Polls&file=index&pollID=41
We
zullen dat politiek trauma eens bekijken.
Het vrijblijvend Plebisciet
over de terugkeer van Leopold III.
Het
zogenaamd 'referendum' over de terugkeer van koning Leopold III (2
maart 1952) was geen echt referendum. Het had enkel consultatieve
waarde, en verschillende politieke formaties hadden verschillende
interpretatie-regels geformuleerd (de socialistische partij eiste een
66% meerderheid om de terugkeer van de koning te aanvaarden; de
liberalen hanteerden een complexe 70%/55%- regel; de koning zelf
eiste een 55% meerderheid...). Nadat een meerderheid zich had
uitgesproken voor terugkeer van de koning, werd die laatste toch tot
ontslag gedwongen. Eigenlijk illustreert de hele geschiedenis de
ontoereikendheid van een puur representatief systeem. Pas nadat de
politieke elite via dit systeem de toestand compleet had laten
vastlopen, werd als noodmiddel op een slecht gereguleerd en
vrijblijvend plebisciet beroep gedaan. Het is mogelijk (maar ver van
bewezen) dat België niet zal kunnen leven met een authentieke,
directe Democratie. Indien Vlaanderen en Frantalig België
systematisch anders gaan stemmen over belangrijke zaken, kan dit tot
een breuk leiden. Maar dit scenario zou niet bewijzen dat directe
democratie onwerkzaam is, maar enkel dat België niet gewenst is
door zijn burgers, en dus geen bestaansreden heeft. In Zwitserland
gebeurt het vaak dat de verschillende taalgroepen uiteenlopend
stemmen, maar die uitkomsten bedreigen geenszins de samenhang van dat
land. Zo leverde de stemming over de integratie van Zwitserland in de
EER een pro-meerderheid op in Franstalig Zwitserland, maar een
meerderheid van tegenstanders in Duitstalig Zwitserland. Dit was geen
reden voor de eersten om de Zwitserse staat in vraag te stellen.
Actiedag rond het wetsvoorstel
over de volksraadpleging over de nieuwe Europese Grondwet.
Het doel van de
actiedag is om maatregelen te nemen om de volksraadpleging
over de nieuwe Europese Grondwet te doen slagen. Voorstellen zijn:
-
Overtuigen van
organisaties, NGO's en partijen die nog niet mee doen.
-
Publicaties
allerhande.
-
Mandatarissen
vragen hun verantwoordelijkheid op te nemen
Kom op zaterdag
18/10/2003 naar de l'Entrepot du Congo.
Vlaamse Kaai 42 te Antwerpen. Wat staat er op het programma?
13:30
tot 14:30: De Europese Referendum Campagne
Doel
en belang van de Europese Referendum Campagne in België en in
Europa. (Heiko Dittmer)
15:00
tot 18:00 Te nemen stappen om in België een referendum over
de Europese grondwet te houden. (Heiko Dittmer)
met
onder andere:
-
Voorstelling
van wat ERC activisten reeds gerealiseerd hebben. (organisaties,
individuen, NGO's, politici)
-
Stand
van zaken en overzicht van de intenties van de overheden
-
Welk
acties dienen we te ondernemen om het referendum te laten lukken,
wat zijn de weerstanden? Welke acties zijn het meest relevant?
-
Uitwerken
van de acties; wie doet wat waar en wanneer?
-
Met
een gezellige afsluiting met live-harpmuziek eindigen we rond 18u.
Laat iets weten als u
komt.
Engelstalige site voor
Europese Referendum Campagne in alle landen:
http://www.european-referendum.org
Een gelijkaardige
bijeenkomst organiseert Démocratieplus
in Namen op woensdag 5 november van 14:00 tot 18:00.
Plaats: l'Université
de Paix (081/55.41.40), Boulevard du Nord 4
Informatie bijeenkomst over
Directe democratie op 18/10/2003 van 10:00 tot 12:00 in Antwerpen.
Directe Democratie:
basisprincipes, werking, argumenten voor en tegen. Het recente
Amsterdams Initiatief wordt als voorbeeld genomen hoe "faire"
referenda er uit zien.
Spreker Jos Verhulst;
schrijver van het boek "Het verdiepen van de democratie".
Bijdrage in de
onkosten: 5 euro per dag indien voor 1/10/2003 ingeschreven. Daarna:
10 euro.
Plaats:
l'Entrepot du Congo. Vlaamse Kaai 42 te Antwerpen.
Rekeningnr.:
320-0034153-79 van WIT 2000 Antwerpen.
Uit de memorie van toelichting
Enkele
stukken uit de memorie van toelichting over het houden van een
raadplegend referendum over het grondwettelijk verdrag voor de
Europese Unie in Nederland. (Wet raadplegend referendum Europese
Grondwet) Voorstel van wet van de NL kamerleden Karimi, Dubbelboer en
Van der ham.
In
de eerste plaats kan een referendumuitspraak het maatschappelijk
draagvlak vergroten voor het besluit van het parlement over het al
dan niet goedkeuren van de Europese Grondwet. In vele politieke
stelsels is het gebruikelijk dat grondwetten of internationale
verdragen direct door de kiesgerechtigde bevolking worden
goedgekeurd. Ook Nederland kent een vorm van volksraadpleging over
wijzigingen van de nationale Grondwet: de vereiste dat de tweede
lezing van de grondwetswijziging door de Staten-Generaal pas kan
plaatsvinden nadat er nieuwe Tweede-Kamerverkiezingen zijn gehouden,
geeft de kiezers in beginsel de mogelijkheid om zich tegen ongewenste
grondwetswijzigingen uit te spreken. Een dergelijke procedure bestaat
niet voor de goedkeuring van de Europese Grondwet, die nochtans
voorrang heeft op de Nederlandse Grondwet. Dat is een gemis, zo menen
de indieners, aangezien de Europese Grondwet, ook volgens de Raad van
State, een dermate ingrijpend karakter heeft dat zij tot op zekere
hoogte te vergelijken valt met een wijziging van de Nederlandse
Grondwet. De Tweede Kamer ontbinden en verkiezingen uitschrijven om
het oordeel van de kiezers over de Europese Grondwet te vragen is
geen realistische optie; de goedkeuring uitstellen tot na de
eerstvolgende Kamerverkiezingen evenmin. Een referendum is de meest
reële manier om maatschappelijk draagvlak te verkrijgen voor het
besluit van het parlement over de goedkeuring van de Europese
Grondwet, aldus de indieners.
Parlementariërs
dienen daarbij zorgvuldig om te gaan met het oordeel van de
bevolking. De indieners geven derhalve de suggestie mee aan fracties
en individuele kamerleden om voorafgaande aan het referendum
duidelijk te maken welk gewicht zij toekennen aan de uitslag, en hoe
zwaar zij bijvoorbeeld de opkomst en het verschil tussen ja- en
nee-stemmen zullen laten wegen bij hun oordeel over de goedkeuring
van de Europese Grondwet. Zo blijft het primaat van het parlement
behouden en wordt de kans verkleind dat het niet-bindende karakter
van de volksraadpleging schade toebrengt aan de geloofwaardigheid van
de Europese Unie, het parlement of het instrument van referendum.
In
de tweede plaats bevordert een referendum de politieke participatie.
Wanneer burgers serieus genomen worden, dienen zij ook een stem te
hebben. Deelname aan het debat en het kunnen kiezen met een stem,
impliceert dat burgers een serieus onderdeel van het functioneren van
de democratie zijn. Mondige Europese burgers moeten in staat worden
geacht hun oordeel te vellen over de bevoegdheden van de Europese
instituties. De Europese integratie heeft zich, althans in Nederland,
tot op heden grotendeels zonder bemoeienis of directe invloed van de
burgers voltrokken. In nationale verkiezingscampagnes spelen Europese
onderwerpen nauwelijks een rol zelfs niet indien het onderwerpen
betreft waarbij de Tweede Kamer een belangrijke controlerende functie
heeft. (Zie onder meer: Ph. van Praag en K. Brants (red.),: Tussen
beeld en inhoud. Politiek en media in de verkiezingen van 1998,
Amsterdam, Spinhuis 2000, hst. 4 en 5, p. 58 111.)
Hierdoor
bestaat naar het oordeel van de indieners het gevaar dat burgers de
indruk krijgen dat zij, voor wat betreft de Europese integratie, voor
voldongen feiten worden gesteld, waar zij nooit voor of tegen hebben
kunnen kiezen. Ook de meest rechtstreekse mogelijkheid voor kiezers
om wel hun stem te laten gelden in Europese aangelegenheden, de
verkiezingen van het Europees Parlement, biedt in dit geval geen
uitkomst. Weliswaar mogen burgers eens in de vijf jaar voor het
Europees Parlement stemmen, maar dat parlement heeft bij veel
belangrijke besluiten, zoals de goedkeuring van de Europese Grondwet,
geen beslissende stem. Indieners menen derhalve dat een raadplegend
referendum bijdraagt aan de betrokkenheid van burgers in Nederland
bij deze belangrijke stap in het Europese integratieproces.
In
de derde plaats betekent een raadplegend referendum een belangrijke
impuls voor een publiek debat over de Europese integratie. Dat wordt
naar het oordeel van de indieners nu node gemist, ondanks intensieve
voorlichtingscampagnes van de regering. Vergeleken met andere
EU-landen kent Nederland weinig debat over Europa. Een illustratie
hiervan vormt het feit dat, in de twee weken voorafgaand aan de
Europese verkiezingen van 1999, de televisie-actualiteitenprogramma s
in Nederland slechts twee procent van hun zendtijd besteedden aan
deze verkiezingen; het gemiddelde voor deze programma's in alle
EU-lidstaten bedroeg acht procent. (Claes de Vreese, Communicating
Europe,
http://network-europe.net/policies-priorities/CommunicatingEurope,
2003, p. 13.)
Een
referendum dat tegelijk met de Europese Parlementsverkiezingen in
juni 2004 in meerdere EU-lidstaten wordt gehouden, geeft naar de
overtuiging van de indieners bovendien een impuls aan een Europa-wijd
publiek debat over de toekomst van de Europese Unie. Het ligt voor de
hand te veronderstellen dat voor- en tegenstanders van het verdrag
daarbij grensoverschrijdende samenwerking zullen aangaan. Bovendien
zullen de media aan de argumenten in andere EU-lidstaten extra
aandacht geven. Vaak wordt tegen het idee van een Europese democratie
het argument ingebracht dat één Europees «demos»,
en daarmee één Europese publieke sfeer, niet bestaat.
Dat is tot op zekere hoogte waar, maar juist een Europa-wijd debat
over de toekomst van de Europese Unie, toegespitst op de uitkomsten
van een referendum in diverse prominente lidstaten, kan een
belangrijke bijdrage leveren aan het ontstaan van een
grensoverschrijdende publieke ruimte. Het referendum biedt daarbij de
mogelijkheid tot een zakelijk debat, waarin politici hun standpunten
veel meer publiekelijk moeten beargumenteren, zodanig dat vele
groepen zich erin kunnen vinden, en meer rekening houdend met wat in
de samenleving leeft. Het debat wordt tenslotte ook zakelijker omdat
een referendum een afgebakend onderwerp betreft waarover goed met
argumenten te twisten valt.
Referendumcommissie
De
referendum-commissie waarborgt volgens de indieners de
onafhankelijkheid van het referendumproces. Immers de regering is
altijd partij bij een correctief (en raadplegend) referendum. De
instelling van een commissie verzekert onafhankelijkheid bij de
totstandkoming van de vraagstelling, de feitelijke samenvatting van
de tekst van de Europese Grondwet en de subsidieverlening. ...
Indieners vinden het van het grootste belang dat alle groepen voor,
tegen of neutraal de middelen krijgen om het debat over de Europese
Grondwet te stimuleren en aan te gaan. Het is denkbaar dat de
minister, indien nodig, de voorbereidingen in gang zet voor de
instelling van een referendumcommissie al tijdens de behandeling van
dit wetsvoorstel. Immers, wordt hiermee gewacht tot goedkeuring van
de Eerste Kamer, dan is het te kort dag om subsidie-aanvragen goed te
kunnen behandelen.
...is
bepaald dat de tekst van het verdrag gedurende vier weken
voorafgaande aan de stemming kosteloos ter secretarie van elke
gemeente verkrijgbaar is. De indieners achten het van belang dat de
tekst van het verdrag ook via Internet beschikbaar wordt gesteld,
maar willen hiermee niet volstaan. Bovendien zal een feitelijke
samenvatting worden gemaakt, die ten minste veertien dagen voor de
stemming aan het adres van de kiezers zal worden bezorgd. De
feitelijke samenvatting wordt vastgesteld door de
referendumcommissie... Indieners menen dat de regering een neutrale,
opkomstbevorderende campagne moet organiseren. In deze campagne ligt
de nadruk op het onder de aandacht brengen van het referendum en de
mogelijkheid van mensen om hun stem uit te brengen.
Er zal iets veranderen in Ieper
Negen
op de tien van de deelnemers aan het referendum, ongeveer een derde
van het totale aantal inwoners, stemden tegen het gebruik van de
momenteel gebruikte afvalcontainers. Het referendum is niet bindend
voor het stadsbestuur.
Burgemeester
Luc Dehaene (CD&V) vindt dat hij een duidelijk signaal gekregen
heeft en wil binnen de kortste keren een nieuw voorstel aan de
Ieperse gemeenteraad voorleggen.
"Er
zal iets veranderen, dat is duidelijk. We zullen de uitslag van dit
referendum niet naast ons neerleggen. De komende dagen zullen we ten
gronde onderzoeken wat technisch en financieel haalbaar is. We zullen
een grondig aangepast systeem aan de gemeenteraad voorleggen."
Uit De Morgen van
22/9/2003.
|