Democratie smaakt naar meer

Afdrukken
In 24 van de 50 staten van de USA bestaat het referendum op volksinitiatief (dit in tegenstelling tot het federale niveau, waarop geen democratie voorhanden is).
Recent verscheen een 659 blz dikke turf over direct-democratische besluitvorming in de USA (Dane Waters “Initiative and Referendum Almanac” Durham, Carolina Academic Press, 2003). Hierin vindt men ondermeer de resultaten van de meest omvangrijke opiniepeiling inzake directe democratie, die ooit in de USA werd gehouden. In al de lidstaten werden telkens duizend burgers ondervraagd omtrent hun standpunt over direct-democratische besluitvorming. De peiling vond plaats in 1999-2000 en werd gehouden door het peilingsbureau Portrait of America (POA). De vraag luidde: “In many states, citizens can place initiatives on the ballot by collecting petition signatures. If a majority of voters approve the initiative on Election Day, it becomes law. Is this a good idea?” (‘In vele staten kunnen burgers voorstellen ter stemming voorleggen door handtekeningen te verzamelen. Indien een meerderheid van de kiezers het voorstel bij stemming goedkeurt, wordt het voorstel een wet. Is dit een goed systeem?’).

In alle staten vindt men, dat er minstens 30% meer voorstanders zijn dan tegenstanders.


Tegenstanders van de democratie beweren nogal eens, dat kiezers door het BROV overvraagd worden en dat ze na een tijd aan ‘verkiezingsmoeheid’ gaan lijden. Deze POA-peiling liet toe om een en ander te onderzoeken. De onderzoekers beschouwden daartoe drie groepen staten:

A: de staten waarin tijdens de vier jaar voor de peiling 15-29 referenda plaatsvonden
B: de staten waarin tijdens dezelfde periode 3 tot 9 referenda plaatsvonden
C: de staten waarin tijdens dezelfde periode 2 of minder referenda plaatsvonden

In de groep staten met meer dan 15 referenda zijn er gemiddeld 72% voorstanders van directe democratie, en gemiddeld 12% tegenstanders. Een typisch voorbeeld is Californië, met 74% voorstanders en 11% tegenstanders.

In de groep staten met een middelmatig aantal referenda vindt men gemiddeld 68% voorstanders en 14% tegenstanders.

In de groep staten met weinig of geen referenda zijn er gemiddeld 61% voorstanders en 16% tegenstanders. Een typisch voorbeeld is de staat New York, waar geen BROV bestaat en 54% voorstander zijn, tegenover 20% tegenstander. Het onderzoeksbureau besluit: “The 1999-2001 surveys conclusively demonstrate that the experience of voting on initiatives and referendum actually increases support for the process” (‘Deze peiling uit de periode 1999-2001 levert het overtuigend bewijs dat ervaring met volksinitiatieven en referendum de steun voor deze instellingen verder doet toenemen’ p.477). Kort gezegd: democratie smaakt naar meer.

Voor de USA als totaliteit vindt men 67,8% voorstanders van directe volkswetgeving, tegen 13,2% tegenstanders (p.479).

Bij dit onderzoek werd ook gepeild naar de wenselijkheid van directe democratie op federaal niveau (“Should there be a simi-lar process where citizens can place laws on the ballot nationwide?”; ‘Moet er een vergelijkbaar proces, waarbij burgers wetsvoorstellen kunnen lanceren, op natio-naal niveau worden ingericht?’). Hier waren 56,7% voorstanders en 20,9% tegenstanders. Omdat de USA op het cruciale federale niveau aan haar burgers de wetgevende mogelijkheden ontzegt die door de meerderheid worden verlangd, kan dit land (net als bv. de EU-lidstaten) niet als een democratie worden beschouwd.


Verder werd in de peiling gevraagd, of het gemeenschappelijk belang beter werd gediend door het parlement dan door de kiezers bij een referendum (“All other things being equal, which do you think is more likely to produce laws that are in the public interest; When the law is adopted by the legislature, or when the voters adopt the law”; ‘Wie denkt u dat onder gelijke omstandigheden het meest kans heeft om wetten goed te keuren die het algemeen belang dienen: de volksvertegenwoordiging, of de direct stemmende burgers?’). 65,5% van de ondervraagden menen dat de kiezers beter het algemeen belang dienen, terwijl 20,4% meent dat de volksvertegenwoordiging beter is.