|
Voorstellen van André Denys
9 april 2002
<>
André
Denys kondigde op 9 april jl. in het Vlaams parlement - samen met
collega’s Dirk Holemans (Agalev), Peter de Ridder (sp.a) en Sven Gatz
(Spirit) - de start van de Vlaamse volksraadplegingen aan. Zoals
afgesproken in het Vlaamse regeerakkoord van juni ‘99, is het de
bedoeling dat de Vlamingen zich in een volksraadpleging kunnen
uitspreken over alle aangelegenheden die tot de bevoegdheid van de
Vlaamse Gemeenschap behoren. Die
referenda zullen niet bindend zijn, maar adviserend. Het initiatief
moet uitgaan van het parlement, eventueel op voorstel van de bevolking
indien er 150.000 handtekeningen worden verzameld. Iedereen die in
Vlaanderen in het bevolkingsregister is ingeschreven, vanaf de leeftijd
van 16 jaar, krijgt de mogelijkheid zich
over bepaalde thema’s adviserend uit te spreken. Eigen
aan dit voorstel is dat ook migranten kunnen meestemmen, omdat de
raadpleging louter adviserend is. Maar indien er in de toekomst een
bindend referendum zou komen, dan gelden voor
André Denys uit redenen van consequentie dezelfde regels
als voor het gemeentelijke stemrecht. RR
Vlaamse volksraadplegingen: een eerste stap in de
directe democratie
Bij
de oprichting van de VLD in 1992 koos het liberalisme in Vlaanderen
niet alleen voor een duidelijk Vlaams profiel, maar ook voor een andere
vorm van politieke besluitvorming. De macht van de belangengroepen zou
afgebouwd worden door het herstel van de politieke primauteit aangevuld
met diverse vormen van directere democratie. Gedaan met regeringen die
als slaafs uitvoeren wat vakbonden, patroonsorganisaties, boer- of
milieubonden hen dicteren.
Met
de VLD zou de regering zich op de eerste plaats moeten verantwoorden
voor zijn natuurlijke partner, het parlement. De burger zou ook over
inhoudelijke thema's - via referenda - rechtstreeks kunnen
meebeslissen.
Met
deze stellingen waren de Vlaamse liberalen niet alleen voorlopers in
Vlaanderen maar veruit de meest progressieve liberalen in Europa.
Herinnert u zich maar het incident met Hans Wiegel die op het einde van
de jaren negentig de Nederlandse liberalen (VVD) in grote verdeeldheid
bracht bij een stemming over het referendum in Nederland.
De
bevolking laten meebeslissen betekent echter een uitholling van het
grondwettelijke principe van de parlementaire democratie. Onze grondwet
moet steeds in twee stappen en over twee legislaturen worden gewijzigd.
Eerst door de aankondiging van de herziening van bepaalde
grondwetsartikelen in de ene legislatuur, en daarna door het wijzigen
van de grondwet in de volgende legislatuur. De vorige
christen-democratische & socialistische regering heeft steeds
geweigerd de grondwetsartikelen die een referendum moeten toelaten voor
herziening vatbaar te verklaren.
De christen-democraten
waren tegen omdat zij teveel gebonden zijn aan de belangengroepen en zij bij
de politieke besluitvorming de burger eerder als een lastige en
onvoldoende geïnformeerde factor aanzien. De socialisten omdat zij
de
opkomstplicht wensten te koppelen aan het tot stand komen van een
referendum. Het gevolg is dat in deze legislatuur het bindend
referendum onmogelijk op een grondwettelijke manier kan ingevoerd
worden.
De enige uitweg om de
burger toch enigszins te betrekken,
is de adviserende volksraadpleging. Zoals op gemeentelijk vlak heb ik
samen met vertegenwoordigers van de meerderheidspartijen het initiatief
genomen om de Vlaamse volksraadpleging te realiseren. Het initiatief is
natuurlijk niet ideaal. De uitslag van de volksraadpleging moet niet
verplichtend overgenomen worden door het parlement. Maar vanuit de
overweging dat het steeds beter is "iets te doen dan niets" vind ik de
volksraadpleging toch een belangrijke stap op
de weg naar een directere democratie.
Trouwens, de VLD-fractie
in het Vlaams Parlement heeft de intentie om bij iedere
volksraadpleging de uitslag gewoon als
bindend te beschouwen. Het juridische statuut van een louter
"adviserende" volksraadpleging maakt het ons wel moeilijk om de
discussie van de deelname van migranten eerlijk te voeren. Het zou
belachelijk zijn de allochtonen te verbieden deel te nemen aan een
raadpleging die wettelijk enkel het statuut
heeft van het inwinnen van advies. Niemand denkt er aan om allochtonen
te verbieden deel te nemen aan hoorzittingen of andere adviesinwinnende
acties, wat strikt juridisch overeenstemt met adviserende
volksraadplegingen.
Maar de consequentie van het enagement om de volksraadpleging "bindend" te
maken, is dat allochtonen
dan
eigenlijk mee beslissen. Wat in tegenstrijd is met het VLD-principe,
dat ik ten zeerste steun, dat alleen Belgen beslissend stemrecht
hebben. Wij hebben ons door deze juridische/ethische
tegenstelling niet laten gijzelen om een stap te zetten in de richting
van meer directe democratie. Op het ogenblik dat het bindend
referendum grondwettelijk aan de orde kan komen, zullen wij consequent
ons standpunt verdedigen dat alleen de Belgen stemrecht hebben.
André Denys
27
maart 2004
André
Denys stelt voor om in de toekomst de burgemeester rechtstreeks te
verkiezen. RR
Rechtstreekse verkiezing van de
burgemeester
1. De kiezer bepaalt mee de uitvoerende
organen
De
rechtstreekse democratie bestaat in het geven van het recht aan de
kiezer om inspraak te hebben in de samenstelling van de uitvoerende
organen in zijn gemeente.
De
kiezer bepaalt volledig ‘rechtstreeks’ de keuze van burgemeester
gezien de noodzaak van de volstrekte meerderheid van stemmen. Als
één
kandidaat-burgemeester geen volstrekte meerderheid van de stemmen haalt
in de eerste stemronde, vindt een tweede stemronde plaats met de twee
kandidaat-burgemeesters die in de eerste stemronde de meeste stemmen
behaalden.
Bij
een dergelijke tweede stemronde kan de kiezer ook een uitspraak
doen
over de inmiddels bekende coalities die leiden tot een eventuele
samenstelling van het college.
2. Het verzoenen van rechtstreekse democratie met
behoorlijk bestuur
Eén
van de bezwaren was tot dusver dat een rechtstreeks verkozen
burgemeester, zonder meerderheid, noopte tot een ‘cohabitatie’ met
bestuursproblemen als gevolg.
Door
de rechtstreeks verkozen burgemeester de rol van formateur te geven
krijgt deze een cruciale rol in de zoektocht naar een meerderheid.
Slaagt de burgemeester er niet in om een meerderheid te vinden voor de
eerste gemeenteraad dan wordt er een afspiegelingscollege gevormd.
Gezien
het feit dat een lokaal bestuur meer pragmatisch dan ideologisch
bestuurd wordt is het te verwachten dat een afspiegelingscollege niet
méér bestuursproblemen zal geven dan een
meerderheidscollege.
Bovendien
is het wettelijk terugvallen op een afspiegelingscollege een aansporing
voor partijen die kunnen een meerderheid vormen om tot een akkoord te
komen.
3. Het verzoenen van twee stelsels: representatieve met
gepersonaliseerde machtsuitoefening
We willen de
machtsverhouding tussen de rechtstreeks verkozen burgemeester en de
evenredig verkozen gemeenteraad niet wijzigen.
Wij willen alleen een grotere legitimatie van de burgemeester
en meer rechtstreekse invloed van de kiezer.
Van
deze grotere legitimatie willen wij, in tegenstelling met sommige
buitenlandse voorbeelden, geen gebruik maken om meer bevoegdheden toe
te kennen aan de burgemeester.
Wij kiezen voor een ‘sui generis oplossing’ met het behoud
van een stelsel van ‘checks and balances
tussen de gemeentelijke organen en niet voor een
geïnstitutionaliseerd
overwicht van het uitvoerend orgaan op het vertegenwoordigend
orgaan.
4. Geen running mate of
opvolger
Om
de rechtstreekse verkiezing zo neutraal en zo zuiver mogelijk te
organiseren wordt de idee van een running mate of opvolger niet
weerhouden.
Het
probleem van de opvolging wordt voor een vervanging omwille van
verhindering, schorsing, tijdelijke afwezigheid of andere redenen
opgelost door de huidige wetgeving te volgen.
De schepenen nemen hun
verantwoordelijkheid op in volgorde van hun rangorde, tenzij de
burgemeester het anders bepaalt.
Nieuw
is de procedure bij overlijden, afzetting, vervallen verklaring van het
mandaat of ontslag. In deze gevallen wordt verwezen naar de opvolger
die de burgemeester zelf aangeduid heeft bij zijn eedaflegging en die
onder gesloten omslag gedeponeerd ligt bij de Gouverneur.
5. Burgemeestersrace is niet louter een individuele
populariteitstest
Door
het binden van de voordracht als kandidaat-burgemeester aan een
initiatief van een partij die deelneemt aan de
gemeenteraadsverkiezingen, moet een kandidaat bewijzen dat hij gesteund
wordt door een groep.
Die
binding is een waarborg tegen het verwijt dat rechtstreekse
verkiezingen zouden leiden tot burgemeesters genre ‘populistische
individualisten’.
Aangezien
de voordracht slechts kan uitgaan van volledige lijsten wordt een
filter ingebouwd om te vermijden dat de rechtstreekse verkiezingen zou
degraderen tot een schouwspel van niet gesteunde kandidaten.
De
verplichte partijvoordracht van de kandidaat-burgemeester en het samen
vallen van de eerste stemronde van de rechtstreekse
burgemeestersverkiezingen met de verkiezingen van de gemeenteraad moet
ook beschouwd worden als het streven naar het maximale behoud van het
bestaande evenwicht tussen de gemeentelijke organen.
André Denys
persberichten
laatste wijziging: 08-07-2004
|